regiofair of "hoe de krachten van fair trade en lokale korte keten te bundelen"

Archive for the ‘leven van het land’ Category

bericht uit Colombia, van kameraad Marc: zaadsoevereiniteit in de praktijk

leave a comment »

Hasselaar Marc Leyman, verruilde een aantal jaren geleden Kuringen voor Restrepo, Colombia. Hij stuurt ons achterblijvers af en toe een nieuwsbrief.

Het recupereren van oude rassen en varieteiten is niet gemakkelijk. Het is opboksen tegen de grote zaadmaatschappijen, een gevecht van David tegen Goliat. De prijzen van de klassieke grondstoffen blijven laag voor de producerende boer. Kleine boeren moeten optornen tegen lage kostprijzen van de grote industriele boerderijen en de dumpingsprijzen van de invoer. Dat is geen gunstig klimaat om bijvoorbeeld rustieke mais varieteiten te propageren. Toch zegt de praktijk dat het de moeite loont. Twee voorbeelden uit de dagelijkse praktijk van Amuc-Restrepo ( de lokale landbouworganisatie voor kleine boeren in Restrepo, Colombia) geven de omstandigheden weer waarin de praktijk van de zaadsoevereiniteit zich afspeelt.

CIAT en kleine boeren

Het CIAT, Centro Internacional de Agricultura Tropical, beschikt in zijn zetel te Palmira, Cali over een unieke verzameling genetisch materiaal van bonen, maniok en voedergewassen (forrestales). 62000 verschillende varieteiten van 720 soorten staan ter beschikking van belangstellenden. Deze internationale organisatie is verplicht deze zaden gratis ter beschikking te stellen aan de geinteresseerden. De praktijk in het verleden heeft geleerd dat kleine boeren amper of niet gebruik maakten van deze dienst. Je moet bijvoorbeeld al een internetverbinding hebben om je bestelling te plaatsen. Amuc bundelt de vraag van de aangesloten leden en plaatst dan de bestelling. het verkrijgen van die zaden kadert in een programma voor grondverbetering.

Wat betekent dat? Een boer is niet geinteresseerd in de aanschaf van een bonensoort die hij daarna niet verkocht krijgt.

Maar het klinkt hem goed in de oren dat hij de meststoffenhoeveelheid aanzienlijk kan verminderen door zijn mais te combineren met bijvoorbeeld het “rijstboontje” (frijol de arroz). De kleine bonensoort is niet commercieel maar is een uitstekende grondverbeteraar en een goed voeder voor het vee.

Otto, de kleine boomtomaat

Sinds een paar jaar doe ik, in opdracht van de organisatie, wat onderzoek naar een kleine boomtomaat die blijkbaar alleen in deze regio te vinden is. Boomtomaten zijn zuurzoete vruchten (tamarillo) die in de Colombiaanse keuken voornamelijk als vruchtensap worden verwerkt. Internationaal is er weinig belangstelling voor wegens een wat scherpe nasmaak veroorzaakt door zuren onder de schil. Otto daarentegen is veel zoeter, maar veel kleiner. Deze vrucht wordt door de plaatselijke bevolking in stand gehouden en enkel gebruikt voor eigen comsumptie.
Dat het hier om een aparte varieteit gaat, was rap duidelijk.

Verschillende instellingen toonden interesse. Maar de afspraak met de organisatie is dat de verworven kennis eerst gedeeld wordt binnen de leden van de organisatie. Zij zijn tenslotte de protagonisten van deze spontane, natuurlijke kruising. De ‘ouders’ zijn onbekend, om het met de termen van Bienestar Familial (Kind en Gezin) te zeggen, het gaat hier om een bastaard. Maar wie is eigenaar van deze beloftevolle speling van de natuur? De Colombiaanse wetgeving laat geen patentering toe. Planten zijn van de mensen. Maar wat betekent dat in de praktijk? De fruitsapindustrie heeft net een frisfrank op de markt gebracht op basis van de klassieke boomtomaat, maar zou wellicht in een zoetere varieteit geinterresseerd zijn. Die zoetfactor is misschien in de varieteit Otto te vinden. Een kruising of genetisch gemanipuleerde soort behoort tot de mogelijkheden, en dat is wel patenteerbaar.

In de praktijk zoekt de organisatie naar artesanale verwerking van de vruchten. De massale productie van deze boomtomaat is niet van zelfsprekend wegens teelttechnische problemen. Maar dat is net een factor in het voordeel van de kleine boeren. Beperkte productie per producent gekoppeld aan een niche-markt van verwerkt vruchtenpulp moet er voor zorgen dat de kleine boeren deze productie zo lang mogelijk in eigen handen kunnen houden zonder zich te moeten verkopen aan de verwerkende industrie. Een uitdaging voor de nabije toekomst.

Restrepo, Colombia. 17 april 2011.
Marc Leyman.

Advertenties

Written by hallometsteven

april 20, 2011 at 1:10 pm

marketingsuggesties – aflevering 7: “Klein Is Overvloedig”

leave a comment »

Peasant farmers offer the best chance of feeding the world. So why do we treat them with contempt?

dit vroeg George Monbiot zich af op 10 juni 2008 in het stuk ‘Small Is Bountiful‘.

En hij sluit het artikel af met deze interessante conclusie:

For many years, well-meaning liberals have supported the fair trade movement because of the benefits it delivers directly to the people it buys from. But the structure of the global food market is changing so rapidly that fair trade is now becoming one of the few means by which small farmers in poor nations might survive. A shift from small to large farms will cause a major decline in global production, just as food supplies become tight. Fair trade might now be necessary not only as a means of redistributing income, but also to feed the world.

Recenter beweert GRAIN dan weer in ’Global agribusiness: two decades of plunder.

The truth is that we do not need agribusiness. Rather, as the last two decades have shown, we have every reason to get rid of it. Twenty years of expanding agribusiness control over the food system has generated more hunger – 200 million more people go hungry than 20 years ago. It has destroyed livelihoods – today 800 million small farmers and farm workers do not have enough food to eat. Agribusiness has been a leading cause of climate change and other environmental calamities, the effects of which it is ill-prepared to deal with.

Op Mycelium.be stelt Giedo de vraag:

Bij het begin van de 21ste eeuw is de landbouw over heel de geïndustrialiseerde wereld in crisis. Een agro-industrie die al tientallen jaren een buitengewone groei toont in productiviteit, heeft het consumentenvertrouwen verkorven, te wijten aan aanhoudende milieuschade, voedselschandalen en misleiding. Wat nu? …

Hij zoekt het antwoord in “Slocal”. Lees het artikel “Om de kern te smaken, moet men eerst de noten kraken“.

‘Small Is Beautiful: Economics As If People Mattered’

Elders op deze blog vind je een aantal citaten die ik plukte uit citaten uit ‘Small Is Beautiful: Economics As If People Mattered’ van E.F. Schumacher – 1973.

They want production to be limited to useful things, but they forget that the production of too many useful things results in too many useless people.

Written by hallometsteven

oktober 26, 2010 at 1:03 pm

‘Leven van het land. Niets verspillen en gezond blijven.’ door John Seymour (1976)

with 7 comments

hier kun je het laatste boek van Seymour lezen: The complete book of self sufficiency (opent .pdf)

of downloaden: The complete book of self sufficiency


We kunnen zelf werkzaamheden verrichten of we kunnen anderen betalen om ze voor ons te verrichten. Dit zijn de twee ‘modellen’ waarmee we in ons onderhoud voorzien. We zouden ze het ‘zelfvoorzieningsmodel’ en het ‘organisatiemodel’ kunnen noemen. Het eerste leidt tot zelfstandige mannen en vrouwen en het laatste tot afhankelijke mannen en vrouwen. Alle bestaande samenlevingsvormen onderhouden zichzelf door een mengeling van beide modellen, maar de verhoudingen verschillen.

In de moderne wereld heeft zich, gedurende de afgelopen honderd jaar, een enorme en historisch unieke verschuiving voorgedaan: van zelfvoorziening naar organisatie. Met het gevolg dat mensen steeds minder vertrouwen hebben in zichzelf en afhankelijker worden dan ooit tevoren in de geschiedenis van de mensheid is voorgekomen. Ze kunnen wellicht beweren hoger ontwikkeld te zijn dan iedere generatie vóór hen, maar het feit blijft dat zij niet echt iets voor zichzelf kunnen doen. Zij zijn volledig afhankelijk van kolossale, ingewikkelde organisaties, van fantastische machinerieën, van steeds hogere inkomens. En wat gebeurt er als het fout gaat, als er zich een stagnatie, een defect, een staking, of werkeloosheid voordoet?

Verschaft de staat alle noodzakelijke levensbehoeften? In sommige gevallen, ja; in andere gevallen, nee. Veel mensen vallen door de mazen van het veiligheidsnest, en wat dan? Zij lijden; ze raken ontmoedigd, ze worden zelfs wanhopig. Waarom kunnen zij zichzelf niet helpen? Over het algemeen, is het antwoord maar al te duidelijk: zij zouden niet weten hoe, ze hebben het nooit gedaan en weten zelfs niet waar ze moeten beginnen. […]

Zou ik moeten proberen een manusje-van-alles te worden? Op het gebied van de meeste van deze zaken zou ik vrij onbekwaam en verschrikkelijk inefficiënt zijn. Maar zelf iets telen of maken: wat een plezier, wat een vrolijkheid, wat een bevrijding van de gevoelendheid volledig van organisaties afhankelijk te zijn! Wat misschien zelfs belangrijker is: wat een ontwikkeling van de echte persoonlijkheid! In aanraking zijn met de feitelijke oerprocessen van de schapping. De aangeboren scheppingsdrang van de mens is niet iets minderwaardigs of toevalligs: negeer of verwaarloos hem, en hij wordt innerlijke bron van gif – een blokkade van de creativiteit. Dit kan jou en al je menselijke contacten vernietigen; op grote schaal, kan het – nee, zal hij onvermijdelijk – de samenleving vernietigen.

Daarentegen kan niets de bloei van een samenleving tot staan brengen die erin slaagt de vrije teugel te geven aan de scheppingsdrang van haar mensen – al haar mensen. Dit kan niet van bovenaf bevolen worden of georganiseerd. We kunnen niet op regeringen vertrouwen, maar alleen op onszelf, teneinde deze gang van zaken te bewerkstelligen. We moeten zeker niet blijven ’wachten op Godot’ want Godot komt nooit. Het is interessant om aan alle ‘Godots’ te denken, waarop de moderne mensheid wacht: deze of gene fantastische technische doorbraak; kolossale vondsten van nieuwe olie- en gasvelden; automatisering, zodat niemand – of nauwelijks iemand – nog een vinger hoeft uit te steken; politieke beslissingen om alle problemen voor eens en voor altijd op te lossen; multinationale ondernemingen om enorme investeringen te doen in de laatste en beste technische ontwikkelingen; of gewoon ‘de volgende opleving van de economie’. […] De essentie van zelfvoorziening is juist dat je nu begint en niet wacht tot er iets komt opdagen.

voorwoord van Dr. E.F. Schumacher bij ‘Leven van het land. Niets verspillen en gezond blijven.’ door John Seymour, vertaald door John Onstwedder en Hendrik van den Heuvel, De Kleine Aarde. Nederlandse editie Uitgeverij In den Toren / Baarn en Kosmos / Amsterdam 1979. Copyright © 1976 by Dorling Kindersley Ltd, London

Written by hallometsteven

april 21, 2008 at 3:10 pm